aangroeien

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

aangroeien (ww):
aanwassen, aanzwellen, groeien, meerderen, ophopen, oplopen, opstapelen, stijgen, toenemen, uitdijen, vermeerderen, wassen
aangroeien (ww):
gedijen, tieren
aangroeien (ww):
vastgroeien

als synoniem van een ander trefwoord:

toenemen (ww) :
aangroeien, aanwakkeren, aanwassen, aanzwellen, beginnen op te zetten, groeien, klimmen, lengen, meerderen, omhooggaan, omhoogkomen, opgaan, opkomen, oplopen, opsteken, rijzen, stijgen, uitdijen, vergroten, verhevigen, verhogen, vermeerderen, versterken, wassen, zich uitbreiden
groeien (ww) :
aangroeien, aanwassen, grootgroeien, meerderen, omhooggaan, ontwikkelen, opkomen, opschieten, opzwellen, rijpen, schieten, stijgen, toenemen, vermeerderen, wassen, zich uitbreiden
stijgen (ww) :
aangroeien, aantrekken, aanwassen, groeien, klimmen, meerderen, omhooggaan, omhoogkomen, opgaan, opklimmen, opkomen, oplopen, rijzen, toenemen, vermeerderen, wassen
wassen (ww) :
aangroeien, groeien, hoger komen, stijgen, tieren, toenemen, zwellen
aanwassen (ww) :
aangroeien, groeien, toenemen, vermeerderen
aanzwellen (ww) :
aangroeien, toenemen, uitgroeien
ontwikkelen (ww) :
aangroeien, opgroeien, rijpen
meerderen (ww) :
aangroeien, groeien, stijgen
ophopen (ww) :
aangroeien, vermeerderen
oplopen (ww) :
aangroeien, aantellen

woordverbanden van ‘aangroeien’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
aangroeien, aanwassen, groter worden, toenemen, zich uitbreiden, vermeerderen

Aangroeien — aanwassen — grooter worden — toenemen — zich uitbreiden — vermeerderen. Het algemeene begrip wordt uitgedrukt door toenemen. Van de vier laatste woorden ziet grooter worden meer op het toenemen in grootte, vermeerderen op het getal en zich uitbreiden op de oppervlakte, welke iets beslaat. Aangroeien en aanwassen zien op de wijze, waarop de toeneming plaats heeft. Aangroeien of aanwassen is eigenlijk door groeien of wassen grooter worden. Overdrachtelijk wordt het ook gebezigd b.v. van vermogen, invloed, huisgezin, en is dan synoniem met grooter worden, toenemen., vermeerderen, zich uitbreiden. Door het toenemen van iemands inkomsten en het aangroeien van iemands kapitaal wordt zijn rijkdom grooter, vermeerderen zich zijne bezittingen en breidt zijn invloed zich uit. „Dan wast hier klein begin onmerkbaar aan tot groot".

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
aangroeien, vermeerderen, toenemen, vergroten, zich vermenigvuldigen

AANGROEIJEN, VERMEERDEREN, TOENEMEN, VERGROOTEN, ZICH VERMENIGVULDIGEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 20.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

zie ook:
aangroei

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
ANW - WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.004 c