aanmerkelijk

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

aanmerkelijk (bn):
aanzienlijk, behoorlijk, belangrijk, merkbaar
aanmerkelijk (bn):
opmerkelijk

als synoniem van een ander trefwoord:

aanzienlijk (bn) :
aanmerkelijk, aardig, beduidend, belangrijk, considerabel, enorm, flink, groot, hoog, merkbaar, merkelijk, noemenswaard, omvangrijk, opmerkelijk, reusachtig, ruim, veel
belangrijk (bn) :
aanmerkelijk, beduidend, considerabel, gewichtig, important, van belang, van betekenis
gevoelig (bn) :
aanmerkelijk, aanzienlijk, belangrijk, merkbaar, voelbaar, zeer
beduidend (bn) :
aanmerkelijk, aanzienlijk, belangrijk, gewichtig
voelbaar (bn) :
aanmerkelijk, duidelijk, merkbaar, waarneembaar
nogal (bw) :
aanmerkelijk, aanzienlijk, behoorlijk, betrekkelijk, eerder, flink, redelijk, tamelijk, vrij
aardig (bw) :
aanmerkelijk, aanzienlijk, behoorlijk, drommels, flink, goed, nogal, tamelijk
merkelijk (bw) :
aanmerkelijk, aanzienlijk

woordverbanden van ‘aanmerkelijk’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
aanmerkelijk, aanzienlijk, merkwaardig, op merkelijk

Aanmerkelijk — aanzienlijk — merkwaardig — op merkelijk. Hetgeen onzen geest treft of verdient te treffen. Opmerkelijk is datgene, wat om de eene of andere reden bijzondere aandacht verdient, 't Is opmerkelijk, hoe zacht de winters tegenwoordig zijn. Het is opmerkelijk, hoevele ziekten door bacteriën ontstaan. Merkwaardig wordt meer ten opzichte van het totaal der eigenschappen eener zaak gebezigd; aanmerkelijk, aanzienlijk meer van hare quantiteit of intensiteit. Aanzienlijk is sterker dan aanmerkelijk. Thans is dit laatste woord weinig meer in gebruik in algemeenen zin. Alleen wordt het nog gehoord in de beteekenis van door hoeveelheid, grootte, enz. verdienende opgemerkt te worden. De krokodil is een merkwaardig dier. Hij heeft dit jaar aanmerkelijk vorderingen gemaakt. Een aanzienlijk bedrag is grooter dan een aanmerkelijk bedrag.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
aanmerkelijk, bijzonder, merkwaardig, opmerkelijk

AANMERKELIJK, BIJZONDER, MERKWAARDIG, OPMERKELIJK

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 43.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

aanmerkelijk
gering, pover, weinig

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.01 c