doortrapt

als woordenboektrefwoord:

doortrapt:
bn. (-er, -st), bedreven in het kwade ; sluw.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

doortrapt (bn):
gehaaid, gemeen, geraffineerd, geslepen, gewiekst, leep, listig, slinks, sluw, uitgekookt, vals

als synoniem van een ander trefwoord:

gemeen (bn) :
akelig, boosaardig, doortrapt, fielterig, geniepig, honds, krenkend, kwetsend, laag, laag-bij-de-gronds, laaghartig, min, onedel, oneerlijk, ploerterig, ploertig, schofterig, schurkachtig, slecht, smerig, snood, trouweloos, vals, verachtelijk, verraderlijk, vilein, vinnig, vuig, vuil, wreed
sluw (bn) :
arglistig, doortrapt, duivels, geraffineerd, geslepen, gewiekst, kwaadaardig, leep, listig, loos, politiek, slim, slinks, snood, uitgekiend, uitgekookt, uitgeslapen, vals, verraderlijk
gewiekst (bn) :
arglistig, bijdehand, doortrapt, gehaaid, geraffineerd, geslepen, glad, handig, leep, listig, slim, slinks, sluw, uitgekiend, uitgekookt, uitgeslapen, wakker
geraffineerd (bn) :
arglistig, doorkneed, doortrapt, gehaaid, geslepen, gewiekst, listig, slim, slinks, sluw, subtiel, uitgekiend, uitgekookt
geslepen (bn) :
arglistig, diplomatiek, doortrapt, gehaaid, geraffineerd, gewiekst, glad, goochem, leep, listig, slim, sluw, uitgeslapen
listig (bn) :
bedrieglijk, doortrapt, geslepen, gewiekst, leep, loos, slim, sluw, spitsvondig, uitgekookt, vals, volleerd
arglistig (bn) :
boosaardig, doortrapt, gemeen, geniepig, insidieus, malicieus, oneerlijk, slinks, vals
gehaaid (bn) :
bijdehand, doortrapt, geslepen, gewiekst, handig, leep, listig, uitgekookt
vilein (bn) :
doortrapt, gemeen, giftig, laag, trouweloos, vals
uitgeslapen (bn) :
doortrapt, geslepen, slim, sluw, uitgekookt
arglistig (bn) :
doortrapt, geslepen, listig

woordverbanden van ‘doortrapt’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

doortrapt:
slim

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
doorkneed, doorslepen, doortrapt

DOORKNEED, DOORSLEPEN, DOORTRAPT

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 99.

in hedendaagse spelling:
sluik, sluw, slim, leep, loos, listig, arglistig, olijk, ondeugend, doorkneed, doortrapt

SLUIK, SLUW, SLIM, LEEP, LOOS, LISTIG, ARGLISTIG, OOLIJK, ONDEUGEND, DOORKNEED, DOORTRAPT

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 48.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0043 c