ergerlijk

als woordenboektrefwoord:

ergerlijk:
bn. bw. (-er, -st), wat ergernis of aanstoot geeft.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

ergerlijk (bn):
aanstotelijk, hinderlijk, irritant, irriterend, misselijk, odieus, onuitstaanbaar, stuitend, tergend
ergerlijk (bn):
bedroevend, erbarmelijk

als synoniem van een ander trefwoord:

erbarmelijk (bn) :
abominabel, armoedig, armzalig, beklagenswaardig, beroerd, deerniswekkend, deplorabel, droevig, ellendig, ergerlijk, gebrekkig, hinderlijk, jammerlijk, lamentabel, meelijwekkend, prullig, schrijnend, slecht, treurig, verschrikkelijk
schandelijk (bn) :
afschuwelijk, beledigend, ergerlijk, godgeklaagd, godvergeten, heiligschennend, honteus, infaam, laag, laaghartig, min, nietswaardig, onedel, oneervol, onterend, onwaardig, scandaleus, schaamteloos, schandalig, vloekwaardig
onaangenaam (bn) :
akelig, benard, beroerd, ergerlijk, lastig, naar, naargeestig, onbehaaglijk, ongevallig, ongezellig, onplezierig, onprettig, onverkwikkelijk, pijnlijk, rot, rotterig, smerig, verdrietelijk, verdrietig, vervelend
beledigend (bn) :
aanstotelijk, eerkrenkend, eerrovend, ergerlijk, gewelddadig, grievend, honend, injurieus, krenkend, kwetsend, lasterlijk, schandelijk, scherp, smadelijk, smadend, stotend, vernederend, weerzinwekkend
stuitend (bn) :
aanstotelijk, afstotelijk, choquant, ergerlijk, misplaatst, onaangenaam, onsmakelijk, schokkend, walgelijk, weerzinwekkend
aanstotelijk (bn) :
aanstootgevend, ergerlijk, ergerniswekkend, indecent, kwetsend, onbetamelijk, scandaleus, zedenkwetsend
irritant (bn) :
ergerend, ergerlijk, ergerniswekkend, hinderlijk, irriterend, lastig, prikkelend, tergend, vervelend
schromelijk (bn) :
afschuwelijk, erg, ergerlijk, ernstig, geducht, geweldig, schabouwelijk, verschrikkelijk
onuitstaanbaar (bn) :
afschuwelijk, ergerlijk, intolerabel, odieus, ondraaglijk, onduldbaar, onverdraaglijk
hinderlijk (bn) :
ergerlijk, irritant, irriterend, lastig, ongemakkelijk, storend, stotend, vervelend
aanstootgevend (bn) :
aanstotelijk, ergerlijk, ergerniswekkend, scandaleus
bedroevend (bn) :
armzalig, bedenkelijk, ergerlijk, miserabel, slecht
schandalig (bn) :
ergerlijk

woordverbanden van ‘ergerlijk’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
aanstotelijk, ergerlijk

Aanstootelijk — ergerlijk. Wat aanstoot geeft, ergernis verwekt. Het eerste is minder sterk dan het tweede, dat meer de beteekenis heeft van iedereen aanstoot gevende, zondig, schandelijk. Men moet in een gezelschap woorden en handelingen vermijden, die voor iemand aanstootelijk kunnen zijn. Een ergerlijk leven leiden.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
ANW - WNT (i) (ii) - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0043 c