fraai

als woordenboektrefwoord:

fraai:
bn. bw. (-er, -st), schoon, mooi, sierlijk.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

fraai (bn):
knap, magnifiek, mooi, riant, schoon, sierlijk, smaakvol, stijlvol, welgevormd
fraai (bw):
netjes

als synoniem van een ander trefwoord:

prachtig (bn) :
eindeloos, fantastisch, fraai, geweldig, groots, heerlijk, kostelijk, luisterrijk, magnifiek, mooi, moorddadig, oogverblindend, schitterend, schoon, splendide, subliem, superbe, verrukkelijk, voortreffelijk, wondermooi
sierlijk (bn) :
bekoorlijk, bevallig, chic, elegant, fijn, fijntjes, fraai, gracieus, keurig, knap, koket, mooi, net, slank, stijlvol, zwierig
stijlvol (bn) :
artistiek, chic, elegant, esthetisch, fraai, geraffineerd, modieus, mooi, smaakvol, zwierig
knap (bn) :
aantrekkelijk, bevallig, fraai, mooi, schitterend, sprankelend, welgevormd
schoon (bn) :
beeldig, esthetisch, fraai, knap, magnifiek, mooi, prachtig, smaakvol
mooi (bn) :
bevallig, fraai, knap, prachtig, schoon, welgemaakt, welgevormd
artistiek (bn) :
fantasierijk, fraai, smaakvol, stijlvol

woordverbanden van ‘fraai’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
fraai, bevallig, hups, knap, mooi, schoon

Fraai — bevallig — hupsch — knap — mooi — schoon. Aangenaam voor het oog. Mooi is het algemeene woord, dat in de spreektaal het vroeger meer gebruikte schoon geheel heeft verdrongen. Het wordt van alles gezegd, wat ons oog of oor aangenaam aandoet, en kan de andere woorden vervangen. In de schrijftaal verdringt het thans ook schoon, dat de beteekenis heeft van overeenkomend met of voldoende aan de eischen der schoonheidsleer. Fraai, dat in de spreektaal niet meer voorkomt, beteekent sierlijk: fraai schrift. Bevallig wordt vooral gezegd van iemand of iets, dat treft door aangename en sierlijke vormen: eene bevallige danseres. Hupsch, thans alleen gebruikelijk in den zin van: aardig in den omgang, beteekende vroeger ook schoon, vroolijk, aardig: een hupsche jonge man. Knap, eig. nauwsluitend, en vervolgens netjes, welgevormd, wordt vooral van personen gezegd. Eene knappe vrouw.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
getooid, opgesmukt, versierd, fraai, mooi, kostelijk, prachtig, groots, weids, heerlijk, vorstelijk, koninklijk

GETOOID, OPGESMUKT, VERSIERD, FRAAI, MOOI, KOSTELIJK, PRACHTIG, GROOTSCH, WEIDSCH, HEERLIJK, VORSTELIJK, KONINKLIJK

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 157.

in hedendaagse spelling:
mooi, schoon, fraai, lief, aardig, hups

MOOI, SCHOON, FRAAI, LIEF, AARDIG, HUPSCH

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 443.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

fraai
lelijk

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0048 c