gelijken

als woordenboektrefwoord:

gelijken:
(geleek, geleken), overeenkomen met; schijnen.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

gelijken (ww):
lijken

als synoniem van een ander trefwoord:

overeenstemmen (ww) :
beantwoorden, dekken, gelijken, kloppen, overeenkomen, passen, rijmen, stroken
lijken (ww) :
evenaren, gelijken, overeenkomen
overeenkomen (ww) :
gelijken, gelijkstaan, lijken

woordverbanden van ‘gelijken’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
gelijken, slachten

Gelijken — slachten. Eene sterke overeenkomst met iemand hebben. Gelijken ziet op het uiterlijk voorkomen; slachten op de afkomst en de soort, derhalve op de overeenkomst van het innerlijke. Zij gelijken elkander als twee druppels water. Hij slacht zijn vader; die was ook niet op zijn mond gevallen.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
slachten, gelijken

SLACHTEN, GELIJKEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 3, bladzijde 163.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

zie ook:
gelijk, gelijken op

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0054 c