hulp

als woordenboektrefwoord:

hulp:
v. (-en), bijstand.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

hulp (zn):
assistentie, bijstand, handreiking, hulpbetoon, hulpverlening, medewerking, onderstand, ondersteuning, steun, subsidie
hulp (zn):
assistent, bediende, butler, dienaar, helper, helpster, hulpje, hulpkracht, kracht, werknemer, werkster
hulp (zn):
apparaat, apparaatje, gereedschap, gerei, hulpmiddel, toestel, utiliteit, utensiliën, werktuig
hulp (zn):
begunstiger, begunstigster, weldoener, weldoenster
hulp (zn):
geruststelling, ruggensteun, verlichting

als synoniem van een ander trefwoord:

steun (zn) :
adhesie, assistentie, bescherming, bemoediging, bevordering, bijstand, geruststelling, hulp, hulpbetoon, hulpverlening, medewerking, ondersteuning, rugsteun, ruggensteun, support, toevlucht
ondersteuning (zn) :
backing, bemoediging, bescherming, bijstand, diaconie, handreiking, hulp, hulpbetoon, hulpverlening, medewerking, noodhulp, onderstand, schraging, steun, steunpilaar, stut, subsidie, support
kracht (zn) :
arbeider, arbeidskracht, beambte, bediende, employé, employée, functionaris, hulp, personeel, werknemer, werkneemster
dienaar (zn) :
bediende, bode, butler, diender, dienstbode, dienstknecht, huisknecht, hulp, knecht, loopjongen, oppasser
bediende (zn) :
bode, dienaar, dienstbode, dienstknecht, huisknecht, hulp, knecht, lakei, lijfknecht, page
helper (zn) :
assistent, diender, hulp, hulpkracht, knecht, medewerker, redder, schildknaap, secondant
assistent (zn) :
helper, hulp, hulpkracht, medewerker, ondergeschikte, rechterhand, secondant
bijstand (zn) :
assistentie, hulp, hulpbetoon, hulpverlening, ondersteuning, steun
redding (zn) :
behoud, behoudenis, bevrijding, heil, hulp, uitkomst, verlossing
hulpmiddel (zn) :
gereedschap, hulp, hulpje, instrument, redmiddel, utiliteit
soelaas (zn) :
hulp, solaas, troost, uitkomst, verlichting, vertroosting
uitkomst (zn) :
bijstand, hulp, oplossing, redding, steun, uitkom, uitweg
steun (zn) :
baat, houvast, heul, hulp, soelaas, troost
toedoen (zn) :
hulp, ingrijpen, medewerking, schuld
assistentie (zn) :
bijstand, hulp, medewerking, steun
versterking (zn) :
hulp

woordverbanden van ‘hulp’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
bijstand, onderstand, ondersteuning, hulp

Bijstand — onderstand — ondersteuning — hulp. De medewerking die men anderen verleent, waar diens krachten niet toereikend zijn om een last te dragen. Hulp is het algemeene woord Bijstand wordt vooral in overdrachtelijken zin gebezigd, en komt in de beteekenis van hulp om de ellende of armoede te dragen met onderstand en ondersteuning overeen. Onderstand wordt alleen gebruikt voor bijstand aan behoeftigen; dit is met ondersteuning en bijstand niet het geval.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
onderstand, bijstand, hulp

ONDERSTAND, BIJSTAND, HULP

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 3, bladzijde 31.

in hedendaagse spelling:
verfrissing, verkwikking, lafenis, baat, hulp, heul, heil, nut, voordeel

VERFRISSCHING, VERKWIKKING, LAFENIS, BAAT, HULP, HEUL, HEIL, NUT, VOORDEEL

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 379.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek - verwante woorden
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0064 c