Cursus Nederlands voor buitenlanders.


   

kans

in het woordenboek is voor kans 1 omschrijving gevonden:

kans, v. (-en), goede gelegenheid ; wisselvalligheid; uitzicht.

kans is 4 maal gevonden als trefwoord:

kans (zn): bof, buitenkans, gelegenheid, hazard, toeval, tref
kans (zn): chance, mogelijkheid, waarschijnlijkheid
kans (zn): willekeur, wisselvalligheid
kans (zn): aanleiding, vooruitzicht

kans is 5 maal gevonden als synoniem van een ander trefwoord:

perspectief (zn) : kans, mogelijkheid, toekomst, toekomstmogelijkheden, toekomstperspectief, vooruitzicht
uitzicht (zn) : hoop, kans, kijk, perspectief, prospect, verwachting, vooruitzicht
mogelijkheid (zn) : eventualiteit, gelegenheid, kans, possibiliteit, potentie
toeval (zn) : casus, gelijktijdigheid, geval, kans, lot, toevalligheid
gelegenheid (zn) : aanleiding, kans, mogelijkheid, moment, occasie, tijd

woordverbanden van ‘kans’ grafisch weergegeven

kans komt voor in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

kans onkans

Zie ook: gemiste kans, kan, kans lopen.


Zoeken op kans bij andere sites:

Synoniemen-sites: Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek - verwante woorden.

Woordenboeken: WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - Muiswerk - puzzelwoordenboek.

Oorsprong: etymologiebank.

Zinsverband: parafrases - context.

Verwante woorden op basis van syntax, overlap of nabijheid.

Citaten - rijmwoorden.

Kans vertalen naar het .

Algemeen: Google - Wikipedia.

debug info: 0.0067238807678223 c