kort

als woordenboektrefwoord:

kort:
bn. (-er, -st), niet lang ; beknopt.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

kort (bn):
beknopt, bondig, in het kort, kortom, om kort te gaan, samengevat
kort (bn):
bars, bits, kortaf, vinnig
kort (bn):
gedrongen, klein
kort (bw):
eventjes, korte tijd, kortstondig, een moment lang, een ogenblik lang
kort (bw):
even, gering, summier, vluchtig

als synoniem van een ander trefwoord:

klein (bn) :
beperkt, bescheiden, dun, gering, kort, luttel, miezerig, nietig, onaanzienlijk, onbeduidend, onbelangrijk, onbetekenend, petieterig, peuterig, pietepeuterig, pieterig, popperig, pover, prullerig, schamel, summier
kortaf (bn) :
bars, bits, bruusk, geƫrgerd, geprikkeld, kort, korzelig, onvriendelijk, stug, vinnig
beknopt (bn) :
bondig, compact, concies, gedrongen, kort, summier, verkort
vluchtig (bn) :
haastig, kort, los, oppervlakkig, snel, terloops
even (bw) :
een moment lang, een momentje, een ogenblik lang, een tijdje, effe, eventjes, kort
kortstondig (bw) :
efemeer, kort, momenteel, ogenblikkelijk, vergankelijk, vluchtig, voorbijgaand
kortom (bw) :
in het kort, kort, om kort te gaan
eventjes (bw) :
een tijdje, effe, kort
tekort (zn) :
behoefte, deficiƫntie, deprivatie, gebrek, gemis, kort, manco, ontbreken, ontoereikendheid, schaarste, tekortkoming

woordverbanden van ‘kort’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
beknopt, bondig, kort

Beknopt — bondig — kort. Van eene rede of een geschrift, dat niet gerekt of vervelend is. Kort zegt alleen, dat iets niet lang is; beknopt, dat men in een klein bestek het voornaamste, wat er over eene zaak te zeggen valt, bijeengebracht heeft: een beknopt relaas ran iets geven; bondig dat een betoog of een gezegde kracht aan kortheid paart. Kort en bondig d. i. in weinig woorden, maar duidelijk.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
beknopt, bondig, kort, samengedrongen

BEKNOPT, BONDIG, KORT, ZAMENGEDRONGEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 262.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

kort
diepgaand, grondig, intensief, lang, radicaal, uitgebreid, uitvoerig
zie ook:
in het kort, koren, kort aangebonden, kort door de bocht, korten

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT (i) (ii) - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0064 c