Synoniemen.net gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën ("cookies"), onder andere om je een optimale gebruikerservaring te bieden. Dat houdt in dat synoniemen.net het gedrag van bezoekers vastlegt, analyseert en deelt en zo de website beter afstemt op de interesses van de bezoeker. Cookies van Improve Digital, AppNexus kunnen worden gebruikt om advertenties te tonen, gedragsgegevens te delen en artikelen aan te bevelen op synoniemen.net die aansluiten op je interesses.

Lees meer over ons privacy-beleid.

cookies accepteren

cookies niet accepteren


onderdeel

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

onderdeel (zn):
aandeel, aspect, bestanddeel, bouwsteen, component, detail, eenheid, element, factor, fractie, fragment, ingrediënt, onderafdeling, part, portie, segment, stap, stuk, stukje
onderdeel (zn):
discipline, domein, gebied, sfeer, specialisme, studierichting, terrein, vak, vakgebied, veld, vlak
onderdeel (zn):
afdeling, constituent, deel, divisie, gedeelte, lid, punt, sectie, tak, vertakking
onderdeel (zn):
reserveonderdeel

als synoniem van een ander trefwoord:

stuk (zn) :
aandeel, bete, brok, brokstuk, deel, eind, fragment, gedeelte, geleding, hap, homp, klomp, lap, metameer, moot, onderdeel, part, passage, pièce, plak, portie, reep, scherf, segment, snipper, stronk, wegge
punt (zn) :
aangelegenheid, affaire, agendapunt, artikel, deel, gegeven, issue, item, kwestie, materie, minuut, monade, nummer, onderdeel, onderwerp, opzicht, probleem, puntje, stof, thema, topic, zaak
afdeling (zn) :
categorie, divisie, eenheid, geleding, groep, indeling, klasse, onderafdeling, onderdeel, orde, patrouille, rubriek, sectie, soort, vak, verdeling, vertakking
deel (zn) :
aandeel, element, flard, gedeelte, geleding, hap, ingrediënt, metameer, onderdeel, pak, pakket, pars, part, portie, segment, stuk, stukje
sfeer (zn) :
arbeidsveld, discipline, domein, gezichtskring, kring, gebied, omgeving, onderdeel, specialisme, terrein, vak, vakgebied, veld, vlak
discipline (zn) :
domein, gebied, onderdeel, onderwerp, specialisme, studierichting, tak, terrein, vak, vakgebied, vakrichting, veld, vlak
vlak (zn) :
discipline, domein, gebied, onderdeel, onderwerp, richting, sfeer, specialisme, terrein, vakgebied, veld
fragment (zn) :
brokstuk, deel, flard, fractie, gedeelte, onderdeel, part, restant, scherf, segment, snipper, stuk, stukje
gebied (zn) :
discipline, domein, onderdeel, sfeer, specialisme, terrein, vak, vakgebied, veld, vlak
component (zn) :
bestanddeel, constituent, element, factor, grondstof, ingrediënt, onderdeel
gedeelte (zn) :
deel, fragment, onderdeel, pars, part, portie, sectie, stuk, geleding, segment
element (zn) :
aspect, bouwsteen, component, deel, factor, ingrediënt, kracht, onderdeel
domein (zn) :
discipline, onderdeel, onderwerp, specialisme, vak, vakgebied, veld, vlak
segment (zn) :
deel, element, fragment, gedeelte, geleding, onderdeel, part, stuk, stukje
factor (zn) :
element, ingrediënt, onderdeel, bestanddeel, component, constituent
detail (zn) :
bijzonderheid, finesse, kleinigheid, onbenulligheid, onderdeel
categorie (zn) :
afdeling, genre, groep, klas, klasse, onderdeel, rubriek, soort
sectie (zn) :
afdeling, gedeelte, groep, onderdeel, ploeg, vakgroep
terrein (zn) :
discipline, onderdeel, specialisme, vak, vakgebied
aandeel (zn) :
deel, gedeelte, geleding, onderdeel, part, portie
facet (zn) :
aspect, dimensie, onderdeel, oogpunt, opzicht
eenheid (zn) :
afdeling, divisie, module, onderdeel, sectie
fractie (zn) :
deeltje, fragment, onderdeel, stukje
vertakking (zn) :
aftakking, onderdeel, tak, zijtak
lid (zn) :
gedeelte, geleding, onderdeel
partij (zn) :
deel, onderdeel, rol, stem
stap (zn) :
fase, onderdeel, stadium
aspect (zn) :
ingrediënt, onderdeel
geleding (zn) :
deel, lid, onderdeel
tak (zn) :
gebied, onderdeel
post (zn) :
onderdeel, punt
luik (zn) :
onderdeel

woordverbanden van ‘onderdeel’ grafisch weergegeven

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
deel, onderdeel, smaldeel, gedeelte, aandeel, aangelegenheid, aanbelang, belangen, betreffen, raken, aangan

DEEL, ONDERDEEL, SMALDEEL, GEDEELTE, AANDEEL, AANGELEGENHEID, AANBELANG, BELANGEN, BETREFFEN, RAKEN, AANGAN

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 2, bladzijde 10.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

onderdeel
compleet, geheel, heel, totaal, volledig, voluit

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek - verwante woorden
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0045 c