over

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

over (vz):
aangaande, betreffende, naar aanleiding van, nopens, omtrent
over (vz):
boven, super, ultra
over (vz):
geleden, voor
over (vz):
tegenover
over (vz):
langs, via
over (vz):
na
over (bn):
overgebleven, overig, resterend, te veel
over (bn):
afgedaan, voorbij
over (bw):
opnieuw, wederom, weerom

als synoniem van een ander trefwoord:

betreffende (vz) :
aangaande, inzake, met betrekking tot, nopens, omtrent, over, redactioneel, rond, ten aanzien van, ten opzichte van, wat .. aangaat, wat betreft
aangaande (vz) :
betreffende, inzake, naar aanleiding van, nopens, omtrent, over, ten aanzien van, wat betreft
om (vz) :
afgelopen, over, voorbij
langs (vz) :
door, met, over, per, via
via (vz) :
door, langs, over
super (vz) :
boven, over
binnen (vz) :
over
na (vz) :
over
voorbij (bn) :
achter de rug, afgedaan, afgelopen, gedaan, geleden, gepasseerd, geëindigd, klaar, om, over, passé, uit, vergaan, verlopen, verloren
uit (bn) :
af, afgelopen, fini, gedaan, geëindigd, klaar, op, over, uitgelezen, voorbij
afgedaan (bn) :
afgehandeld, gedaan, geklonken, over, passé, uitgemaakt, voorbij
opnieuw (bw) :
alweer, andermaal, nog, nog een keer, nog eens, nogmaals, over, overnieuw, terug, van voren af, wederom, weer, weeral, weerom
wederom (bw) :
alweer, nog eens, nogmaals, opnieuw, over, weer
ten einde (bw) :
afgelopen, over, voorbij
door (bw) :
over, verder, voort
nopens (vnw) :
aangaande, betreffende, inzake, omtrent, over
ultra (zn) :
over, uiterst

woordverbanden van ‘over’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
na, achter, voor, over

NA, ACHTER, VOOR, OVER

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 24.

in hedendaagse spelling:
over, nopens, overste, opperste

OVER, NOPENS, OVERSTE, OPPERSTE

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 10.

in hedendaagse spelling:
over, overstromen, inunderen, overstromen

OVER, OVERSTROOMEN, INUNDEREN, OVERSTROOMEN

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 4.

in hedendaagse spelling:
weer, wederom, terug, over

WEDER, WEDEROM, TERUG, OVER

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 2.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

over
gebrek, schaarste, tekort
zie ook:
beschikken over, de baas spelen over, de beschikking hebben over, de leiding hebben over, denken over, disponeren over, gaan over, handelen over, heersen over, het hebben over, informeren over, inzitten over, kwaadspreken over, lopen over, nadenken over, oordelen over, over de kop, over de rooie gaan, over elkaar, over en uit, over en weer, over het algemeen, praten over, reppen over, spreken over, te over, waken over, zich beklagen over, zich buigen over, zich erbarmen over, zich ontfermen over, zijn beklag doen over

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
ANW - WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0037 c