particulier

als woordenboektrefwoord:

particulier:
bn. bw. bijzonder; afzonderlijk.
particulier:
m. (-en), ambteloos burger.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

particulier (bn):
eigen, familiaar, individueel, intiem, persoonlijk, privaat, privé
particulier (bn):
afzonderlijk, bijzonder
particulier (bn):
burger-
particulier (zn):
individu, privépersoon

als synoniem van een ander trefwoord:

intiem (bn) :
behaaglijk, familiair, gemeenzaam, gezellig, huiselijk, innig, knus, openhartig, particulier, persoonlijk, privé, vertrouwd, vertrouwelijk
persoonlijk (bn) :
individueel, particulier, personeel, privé, subjectief, à titre personnel
individueel (bn) :
eigen, particulier, personeel, persoonlijk, privaat, privé
privé (bn) :
familiaal, intiem, particulier, persoonlijk, privaat
bijzonder (bn) :
eigen, particulier, privaat, privé, singulier
privaat (bn) :
particulier, privatief, privé
persoon (zn) :
eenling, enkeling, individu, mens, particulier, persoonlijkheid, sterveling, wezen, ziel
individu (zn) :
figuur, mens, mensenkind, particulier, persoon, sterveling, sterveling

woordverbanden van ‘particulier’ grafisch weergegeven

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

particulier
openbaar, publiek

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek - verwante woorden
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0029 c