spontaan

als woordenboektrefwoord:

spontaan:
bn. bw. (...taner, -st), uit eigen beweging.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

spontaan (bn):
automatisch, ongevraagd, uit eigen beweging, uit zichzelf, vanzelf, vrijwillig
spontaan (bn):
impulsief, onbevangen, ongedwongen, ongekunsteld, ongeremd, open
spontaan (bn):
onvoorbereid

als synoniem van een ander trefwoord:

ongedwongen (bn) :
eerlijk, familiaar, frank, frank en vrij, gemakkelijk, gemeenzaam, los, losjes, natuurlijk, nonchalant, onbeschroomd, onbevangen, ongegeneerd, ongekunsteld, ongemaakt, onomwonden, onverbloemd, onverholen, ruiterlijk, sans gĂȘne, spontaan, vloeiend, vlot, volmondig, vrijmoedig
onbevangen (bn) :
ongedwongen, ongekunsteld, ongevraagd, onschuldig, spontaan, uit zichzelf
vlot (bn) :
gemakkelijk, gezellig, leuk, spontaan
impulsief (bn) :
ongeremd, spontaan, teugelloos
ongeremd (bn) :
spontaan
vanzelf (bw) :
automatisch, gemakkelijk, spontaan, werktuiglijk

woordverbanden van ‘spontaan’ grafisch weergegeven

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

spontaan
berekend, gereserveerd, terughoudend

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0036 c