werkzaam

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

werkzaam (bn):
actief, arbeidzaam, bedrijvig, doeltreffend, druk, efficiënt, hardwerkend, ijverig, krachtig, naarstig, nijverig, noest, probaat, vlijtig
werkzaam (bn):
in bedrijf, werkend
werkzaam (bn):
in dienst

als synoniem van een ander trefwoord:

actief (bn) :
arbeidzaam, bedrijvend, bedrijvig, bezig, doende, druk, dynamisch, energiek, ijverig, kwiek, naarstig, nijver, noest, vlijtig, werkzaam
bezig (bn) :
actief, arbeidzaam, bedrijvig, doende, druk, geoccupeerd, ijverig, in de weer, kwiek, onledig, werkzaam
werkelijk (bn) :
actief, echt, effectief, materieel, natuurlijk, reëel, substantieel, waar, werkend, werkzaam
ijverig (bn) :
actief, ambitieus, arbeidzaam, naarstig, nijver, nijverig, vlijtig, werkzaam
arbeidzaam (bn) :
actief, bedrijvig, ijverig, naarstig, nijver, vlijtig, werkzaam
bedrijvig (bn) :
actief, bezig, ijverig, industrieus, nijver, werkend, werkzaam
werkend (bn) :
actief, arbeidend, bedrijvig, handelend, werkelijk, werkzaam
in orde (bn) :
correct, functionerend, juist, pluis, werkend, werkzaam
doeltreffend (bn) :
doelmatig, effectief, probaat, werkzaam
krachtig (bn) :
afdoend, intensief, voedzaam, werkzaam
naarstig (bw) :
ijverig, industrieus, nijver, noest, onverdroten, vlijtig, volijverig, werkzaam

woordverbanden van ‘werkzaam’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
arbeidzaam, naarstig, nijver, ijverig, vlijtig, werkzaam

Arbeidzaam — naarstig — nijver — ijverig — vlijtig — werkzaam. Gaarne zijne krachten aanwendend om iets tot stand te brengen. Arbeidzaam en werkzaam geven beide te kennen, dat men lust heeft tot en gewoon is om te arbeiden of te werken; 't eerste veronderstelt meer lichamelijken en zwaren arbeid, 't tweede laat in 't midden of 't lichamelijke dan wel geestelijke arbeid is; 't zegt alleen, dat men nooit ledig zit. IJverig zegt, dat men met lust, met drift, naarstig, dat men met ernst, vlijtig, dat men met groote nauwgezetheid en ingespannen, nijver, dat men zonder ophouden en met verstand en overleg werkt. Men zal daar eene zeer eenvoudige en arbeidzame bevolking aantreffen. De werkzame man kan geen oogenblik ledig zitten, altijd is hij bezig. Een ijverig verkondiger der nieuwe leer. Een ijverig leerling volgt de lessen met groote oplettendheid en maakt zijn werk met opgewektheid en lust; een naarstig leerling heeft een groot plichtsbesef en doet uit dien hoofde zijn best om veel te leeren; een vlijtig leerling maakt zijn werk met groote nauwgezetheid en doet zijn uiterste best, spant al zijn krachten in.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
naarstig, ijverig, vlijtig, nijver, noest, arbeidzaam, werkzaam, volhardend, onvermoeid, onbezweken

NAARSTIG, IJVERIG, VLIJTIG, NIJVER, NOEST, ARBEIDZAAM, WERKZAAM, VOLHARDEND, ONVERMOEID, ONBEZWEKEN

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 358.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0054 c