ziek

als woordenboektrefwoord:

ziek:
bn. (-er, -st), niet gezond.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

ziek (bn):
beroerd, ellendig, koortsig, krank, kwakkelig, misselijk, naar, ongesteld, ongezond, onwel
ziek (bn):
akelig, naargeestig, verziekt, walgelijk, weerzinwekkend

als synoniem van een ander trefwoord:

weerzinwekkend (bn) :
afschuwelijk, afstotend, degoutant, misselijkmakend, onsmakelijk, repugnant, revoltant, smerig, stuitend, terugstotend, walgelijk, ziek
akelig (bn) :
beroerd, droevig, misselijk, naar, onpasselijk, onwel, somber, treurig, verwenst, ziek
slecht (bn) :
belabberd, beroerd, mager, ongezond, pips, ziek, zwak
onwel (bn) :
mottig, ongans, ongesteld, onpasselijk, ziek
naar (bn) :
beroerd, misselijk, onpasselijk, wee, ziek
overspannen (bn) :
doorgedraaid, overwerkt, ziek
ziekelijk (bn) :
morbide, ziek
krank (bn) :
ziek

woordverbanden van ‘ziek’ grafisch weergegeven

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

ziek
beter, gezond, goed
zie ook:
gauw ziek, ziek worden

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT (i) (ii) - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0026 c