zucht

als woordenboektrefwoord:

zucht:
m. (-en), diepe ademhaling.
zucht:
v. begeerte, verlangen.
zucht:
v. zwelling, ziekte.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

zucht (zn):
begeerte, drift, liefhebberij, manie, neiging, streven, woede
zucht (zn):
begeerte, dorst, verlangen
zucht (zn):
verzuchting
zucht (zn):
waterzucht
zucht (zn):
ademtocht

als synoniem van een ander trefwoord:

neiging (zn) :
aandrang, aandrift, begeerte, drang, genegenheid, geneigdheid, genie, inclinatie, liefhebberij, lust, overhelling, sentiment, tendens, toegenegenheid, trek, trend, vocatie, voorkeur, zin, zucht
begeerte (zn) :
begeerlijkheid, begerigheid, belustheid, dorst, drang, gretigheid, honger, hunkering, libido, lust, neiging, smacht, verlangen, wens, zin, zucht
drift (zn) :
aandrift, begeerte, hartstocht, hevigheid, impetuositeit, neiging, onstuimigheid, opgewondenheid, opwinding, passie, vuur, zucht
wens (zn) :
begeerte, believen, betrachting, desideratum, hoop, verlangen, wil, zin, zucht
verlangen (zn) :
begeerte, behoefte, drang, hoop, lust, wens, zucht
honger (zn) :
begeerte, reikhalzen, snakken, verlangen, zucht
verslaving (zn) :
begeerte, gewenning, hang, verslaafdheid, zucht
manie (zn) :
bevlieging, gril, rage, woede, zucht
woede (zn) :
manie, zucht
streven (ww) :
tendentie, zucht

woordverbanden van ‘zucht’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
begeerte, begeerlijkheid, dorst, lust, geneigdheid, neiging, verlangen, wens, trek, zucht

Begeerte — begeerlijkheid — dorst — lust — geneigdheid — neiging — verlangen — wensch — trek — zucht. Over wensch, verlangen, begeerte en dorst, substantiva bij de hiervoor genoemde werkwoorden behoorende, zie het voorgaande. Lust is eene begeerte, door welker verwezenlijking onze zinnen aangenaam worden aangedaan; zij veronderstelt het vooruitzicht van genot. Zucht is eene sterke, aanhoudende begeerte, waaraan eigenlijk iets ziekelijks eigen is. Begeerlijkheid duidt eene sterke begeerte aan, die niet binnen de perken blijft en daardoor laakbaar is; zij veronderstelt meest begeerte naar bezit. Begeerlijkheid en lust hebben ook eene actieve beteekenis, zie Begeerlijkheid. Trek is de lust om te voldoen aan hetgeen men begeert. Neiging is zwakker; het veronderstelt een licht overhellen, doch zonder bepaald bewustzijn van begeerte. Geneigdheid geeft het geneigd zijn tot iets te kennen, 't zij dat men dit van nature is, 't zij als gevolg van overleg.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
begeerlijkheid, lust, zucht

BEGEERLIJKHEID, LUST, ZUCHT

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 245.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek - verwante woorden
woordenboeken:
WNT (i) (ii) - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0081 c