Nederlandse synoniemen voor 'aan'

N.B. De resultaten hieronder komen van derde partijen. Zie ook resultaten uit onze eigen synoniemendatabank voor aan.

aan (preposition):
met(en) used after certain adjectives to indicate a relationship.
(en) target or recipient of an action.
(en) used to indicate the indirect object.
(en) thanks to.
, tegen(en) used after certain adjectives to indicate a relationship.
(en) target or recipient of an action.
(en) used to indicate the indirect object.
, tot(en) used after certain adjectives to indicate a relationship.
(en) target or recipient of an action.
(en) used to indicate the indirect object.
, bij(en) touching; hanging from.
(ru) около, рядом с.
, op(no) Relasjon mellom to objekter.
(ru) на поверхности.
, bereid(en) the option or decision of., dank(en) thanks to., dankzij(en) thanks to., in(en) the option or decision of., over(en) introducing topic or subject matter., staat(en) the option or decision of., van(en) introducing topic or subject matter., wegens(en) touching; hanging from.

aan (ww):
aanhangen(en) to attach., bij(en) be the property of., horen(en) be the property of., iemand(en) be the property of., toebehoren(en) be the property of., van(en) be the property of., vastmaken(en) to attach., voldoen(en) satisfy., zijn(en) be the property of.

aan (bn):
aan de beurt(en) next., actief(en) in the state of being active, functioning or operating., op(en) in the state of being active, functioning or operating., passend(en) compliant., voldoend(en) compliant.

aan (zn):
blootstelling(en) lack of protection., de(en) lack of protection., elementen(en) lack of protection.

cached Via: Dbnary (op basis van WikiWoordenboeken)