uitweg

als woordenboektrefwoord:

uitweg:
m. (-en), uitgang ; redding; uitvlucht ; uitkomst.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

uitweg (zn):
achterdeurtje, kunstgreep, ontsnappingsmogelijkheid, uitvlucht
uitweg (zn):
afrit, uitrijstrook, uitrit
uitweg (zn):
oplossing, uitkomst
uitweg (zn):
uitgang, uitlaat
uitweg (zn):
uitgang

als synoniem van een ander trefwoord:

uitvlucht (zn) :
draaierij, evasie, ontwijking, palliatief, praatje, smoes, uitweg, verschoon, verzinsel, voorwendsel
optie (zn) :
alternatief, keus, keuze, keuzemogelijkheid, uitweg, uitwijkmogelijkheid
alternatief (zn) :
keuzemogelijkheid, oplossing, uitweg, keus, keuze, uitwijkmogelijkheid
kunstgreep (zn) :
foefje, handigheid, kneep, list, noodsprong, omweg, truc, uitweg
uitkomst (zn) :
bijstand, hulp, oplossing, redding, steun, uitkom, uitweg
oplossing (zn) :
antwoord, raad, reddingsmiddel, uitkomst, uitweg
uitgang (zn) :
deur, exit, hek, poort, sortie, uitweg
raad (zn) :
antwoord, oplossing, uitweg
uitgang (zn) :
uitweg
uitvlucht (zn) :
uitweg

woordverbanden van ‘uitweg’ grafisch weergegeven

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek - verwante woorden
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.004 c