Synoniemen.net gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën ("cookies"), onder andere om je een optimale gebruikerservaring te bieden. Dat houdt in dat synoniemen.net het gedrag van bezoekers vastlegt, analyseert en deelt en zo de website beter afstemt op de interesses van de bezoeker. Cookies van Improve Digital, AppNexus kunnen worden gebruikt om advertenties te tonen, gedragsgegevens te delen en artikelen aan te bevelen op synoniemen.net die aansluiten op je interesses.

Lees meer over ons privacy-beleid.

cookies accepteren

cookies niet accepteren


gereedschap

als woordenboektrefwoord:

gereedschap:
o. (-pen), werktuigen van ambachtslieden.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

gereedschap (zn):
apparaat, gerei, instrument, materieel, middel, toebehoren, toestel, tool, tuig, uitrusting, utensiliën, werktuig

als synoniem van een ander trefwoord:

materiaal (zn) :
behoeften, benodigdheden, equipage, gereedschap, gerei, gerief, materieel, outillage, spul, toebehoren, uitmonstering, uitrusting
hulp (zn) :
apparaat, apparaatje, gereedschap, gerei, hulpmiddel, toestel, utiliteit, utensiliën, werktuig
apparaat (zn) :
apparatuur, gereedschap, hulpmiddel, machine, machinerie, mechaniek, toestel, tuig, werktuig
utiliteit (zn) :
apparaat, apparatuur, gereedschap, gerei, toestel, uitrusting, voorziening, werktuig
benodigdheden (zn) :
accessoires, bullen, gereedschap, gerei, materiaal, spullen, toebehoren, uitrusting
middel (zn) :
agens, gereedschap, hulpmiddel, instrument, manier, medium, modus, toestel, werktuig
instrument (zn) :
apparaat, gereedschap, gerei, middel, toestel, tuig, werktuig
hulpmiddel (zn) :
gereedschap, hulp, hulpje, instrument, redmiddel, utiliteit
gerief (zn) :
benodigdheden, gereedschap, gerei, materiaal, spullen
spul (zn) :
benodigdheden, bezitting, eigendom, gereedschap, goed
tuig (zn) :
gereedschap, tuigage, uitrusting

woordverbanden van ‘gereedschap’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
gereedschap, instrument, machine, toestel, werktuig

Gereedschap — instrument — machine — toestel — werktuig. Hulpmiddelen waarvan de mensch zich bij zijn arbeid bedient. Door gereedschappen verstaat men meer eenvoudige hulpmiddelen, door werktuigen meer samengestelde; het eerste ziet meet op het collectieve: het werktuig waarmede hij slaat is een hamer; beitel en hamer is timmermansgereedschap , een ploeg is een werktuig van den landman. Instrument is een vreemd woord voor werktuig, vooral als kunstterm in gebruik. Zeer kunstig samengestelde werktuigen noemt men machines. De naaimachine. Het Neder landsche woord voor machine is toestel, dat echter bijna geheel door het andere verdrongen is. Petroleumtoestel.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
gereedschap, werktuig, instrument

GEREEDSCHAP, WERKTUIG, INSTRUMENT

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 209.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek - verwante woorden
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0032 c