werktuig (zn):
An implement for practical use (especially in a household)
utensil
werktuig (zn):
A person who is controlled by others and is used to perform unpleasant or dishonest tasks for someone else
creature, puppet, tool
werktuig (zn):
An implement used in the practice of a vocation
tool
Via: Ensyns.nl
werktuig (zn):
tool(nl) —.
(de) Technik: allgemeines Mittel oder Gerät, um Dinge herzustellen oder zu reparieren.
(fr) Instrument propre à certains arts.
(pt) (objeto usado no trabalho)., implement(fr) Instrument propre à certains arts.
(pt) (objeto usado no trabalho).
(pl) —., apparatus(pl) —., device(pl) —., instrument(fr) Instrument propre à certains arts., utensil(fr) Instrument propre à certains arts.
cached Via: Dbnary en WikiWoordenboeken
Via: Memodata.com
Dankzij donaties zie je op deze en volgende pagina's geen advertenties.
Wist je dat synoniemen.net een eenmansproject is? Door te doneren help je bij het voortbestaan en om advertenties hier helemaal overbodig te maken.