conciliar (ww):
overeenbrengen(de) etwas mit etwas anderem in Übereinstimmung bringen.
(fr) Accorder ensemble des personnes., aankomen(en) to obtain., begrijpen(en) to obtain., bekomen(en) acquire., doen(en) to obtain., halen(en) to obtain., laten(en) to obtain., maken(en) to obtain., nemen(en) to obtain., pakken(en) to obtain., snappen(en) to obtain., verdienen(en) gain through applied effort or work., verkrijgen(en) acquire., verstaan(en) to obtain., verzoenen(en) to make things compatible or consistent., winnen(en) acquire., worden(en) to obtain., ziek worden(en) to obtain.
cached Via: Dbnary en WikiWoordenboeken
Via: Memodata.com