Vertaling van 'fechar' uit het Spaans naar het Nederlands

fechar (ww):
dateren(en) to note the time of writing or executing.
(en) to determine the age of something.
(en) to note or fix the time of, as of an event.
, op(en) (transitive) to plan or schedule (something)., plannen(en) (transitive) to plan or schedule (something)., vastleggen(en) (transitive) to plan or schedule (something)., voor(en) (transitive) to plan or schedule (something).

cached Via: Dbnary en WikiWoordenboeken