Vertaling van 'redouter' uit het Frans naar het Nederlands

redouter (ww):
vrezen(fr) —.
(de) transitiv, etwas fürchten: vor etwas Angst (Furcht) haben.
(en) to fear greatly so./sth..
(en) to anticipate with fear (that ...).
(ru) испытывать боязнь, страх.
, beangstigen(fr) —.
(en) to disturb with fear.
, bang maken(fr) —., bang zijn voor(fr) —., duchten(fr) —., schromen(fr) —., terugschrikken voor(fr) —., verschrikken(fr) —., vrees aanjagen(fr) —., bang zijn(en) to anticipate with fear (that ...).
(en) to fear greatly so./sth..
(ru) испытывать боязнь, страх.
, schrik hebben(en) to fear greatly so./sth..
(en) to anticipate with fear (that ...).
, angst hebben(ru) испытывать боязнь, страх., bang(en) to disturb with fear., maken(en) to disturb with fear., opzien(de) transitiv, etwas fürchten: vor etwas Angst (Furcht) haben.

cached Via: Dbnary en WikiWoordenboeken