addio (interjection):
dag(en) farewell.
(sv) farväl.
(pl) —., doei(en) farewell.
(sv) farväl.
(pl) —., houdoe(en) farewell.
(sv) farväl.
(pl) —., tot ziens(en) farewell.
(sv) farväl.
(pl) —., aju(en) farewell., ajuus(en) farewell., doeg(en) farewell., hoi(en) farewell., tot weerziens(en) farewell.
addio (zn):
afscheid(en) an act of departure.
(en) a wish of happiness at parting.
(pt) ato de despedir-se.
(pl) —., vaarwel(en) a wish of happiness at parting.
(en) an act of departure., afscheidsgroet(pl) —.
cached Via: Dbnary en WikiWoordenboeken
Via: Memodata.com