Nederlandse synoniemen voor 'go'

go (interjection):
af!(nl) ''(Suriname)'' uitroep waarmee een snelheidswedstrijd wordt gestart., start!(nl) ''(Suriname)'' uitroep waarmee een snelheidswedstrijd wordt gestart.

go (zn):
groen licht(en) approval.

Via: Dbnary en WikiWoordenboeken