Nederlandse synoniemen voor 'aarzelen'

N.B. De resultaten hieronder komen van derde partijen. Zie ook resultaten uit onze eigen synoniemendatabank voor aarzelen.

aarzelen (ww):
afdingen(fr) Hésiter., dubben(fr) Hésiter., schoorvoeten(fr) Hésiter., talmen(de) —., twijfelen(fr) Ne pas être assuré., weifelen(fr) Hésiter.

aarzelen (bn):
afkerig(en) averse, disinclined; reluctant, unwilling., weifelend(en) averse, disinclined; reluctant, unwilling., weigerachtig(en) averse, disinclined; reluctant, unwilling.

cached Via: WikiWoordenboek

Wie helpt?
Synoniemen.net zoekt een huurwoning in Leiden.