kranig

als woordenboektrefwoord:

kranig:
bn. bw. (-er, -st), sierlijk; flink; uitmuntend.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

kranig (bn):
dapper, energiek, ferm, flink, knap, kordaat, manhaftig, manmoedig, standvastig, sterk, stoer, taai

als synoniem van een ander trefwoord:

flink (bn) :
aan de maat, aanzienlijk, aardig, behoorlijk, belangrijk, degelijk, duchtig, echt, erg, fiks, fors, gezond, goed, groot, kloek, knap, kranig, kras, kwiek, pittig, potig, pront, robuust, sterk, stevig, struis, terdege
moedig (bn) :
dapper, flink, heldhaftig, kloek, koen, kranig, manhaftig, onbevreesd, onversaagd, onverschrokken, onvervaard, sterk, stoutmoedig
pittig (bn) :
behoorlijk, degelijk, flink, krachtig, kranig, stevig, voortvarend
branie (bn) :
dapper, kranig, moedig, parmantig
goed (bn) :
flink, kranig, taai

woordverbanden van ‘kranig’ grafisch weergegeven

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - rijmwoorden - Wikipedia - Google

debug info: 0.0036 c