babbelaar

als woordenboektrefwoord:

babbelaar:
m. (-s), babbelkous ; soort suikerballetje.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

babbelaar (zn):
babbel, babbelkous, causeur, fabulant, keuvelaar, klapper, klets, kletser, kletskous, kletsmajoor, kletsmeier, kwebbel, kwek, prater, snapper, teut, wauwelaar
babbelaar (zn):
brok, kussentje, spekje, steek

als synoniem van een ander trefwoord:

kletskous (zn) :
babbelaar, babbelkous, kletsmajoor, kletsmeier, kletstante, kwebbel, kwek, ouwehoer, ratel
kletsmajoor (zn) :
babbelaar, babbelkous, kletser, kletsmeier, ouwehoer, ratel
babbel (zn) :
babbelaar, babbelkous, kletskous
klapper (zn) :
babbelaar, klepper, kletser

woordverbanden van ‘babbelaar’ grafisch weergegeven

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0023 c