hit

als woordenboektrefwoord:

hit:
m. (-ten), klein soort van paard.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen: niet gevonden.

als synoniem van een ander trefwoord:

succes (zn) :
hit, kassucces, klapper, topper
klapper (zn) :
hit, knaller, succesnummer
schlager (zn) :
hit, tophit

woordverbanden van ‘hit’ grafisch weergegeven

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
klepper, ros, knol, paard, hengst, ruin, merrie, veulen, hit, kid

KLEPPER, ROS, KNOL, PAARD, HENGST, RUIN, MERRIE, VEULEN, HIT, KID

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 2, bladzijde 152.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

hit is mogelijk onnodig Engels.
De Woordenlijst overbodig Engels Op-en-Top Nederlands geeft de volgende Nederlandse alternatieven (doorzoek ook de volledige lijst op vindpunt.nl):

hit  zn.:
1 succes(nummer), kassucces, klapper; 2 [ict] treffer; 3 voltreffer, rake klap

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0023 c