ongebondenheid

als trefwoord met bijbehorende synoniemen: niet gevonden.

als synoniem van een ander trefwoord:

vrijheid (zn) :
alleenrecht, autonomie, onafhankelijkheid, ongebondenheid, soevereiniteit, speelruimte, vrijdom, zelfstandigheid
losbandigheid (zn) :
buitensporigheid, liederlijkheid, ongebondenheid, uitspatting, wanordelijkheid, zedeloosheid
licentie (zn) :
ongebondenheid, uitspatting

woordverbanden van ‘ongebondenheid’ grafisch weergegeven

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
weelde, wellust, wulpsheid, geilheid, ontucht, onkuisheid, ongebondenheid, brooddronkenheid, dartelheid

WEELDE, WELLUST, WULPSCHHEID, GEILHEID, ONTUCHT, ONKUISCHHEID, ONGEBONDENHEID, BROODDRONKENHEID, DARTELHEID

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 150.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

ongebondenheid
gebondenheid

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0027 c