speer

als woordenboektrefwoord:

speer:
v. (speren), lans, spies.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

speer (zn):
lans, spies, spiets

als synoniem van een ander trefwoord:

lans (zn) :
hellebaard, piek, renspeer, speer, spies
wapen (zn) :
knuppel, mes, speer, vuurwapen, zwaard

woordverbanden van ‘speer’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
pijl, schicht, harpoen, spriet, piek, spies, speer, lans, hellebaard

PIJL, SCHICHT, HARPOEN, SPRIET, PIEK, SPIES, SPEER, LANS, HELLEBAARD

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 2, bladzijde 367.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband en voorbeeldzinnen:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0022 c