opeisen

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

opeisen (ww):
beslag leggen op, claimen, eisen, opvorderen, reclameren, rekwireren, vindiceren, vorderen

als synoniem van een ander trefwoord:

verlangen (ww) :
afvorderen, claimen, eisen, moeten, opeisen, vereisen, vergen, vindiceren, vorderen, vragen
eisen (ww) :
aanspraak maken, kosten, opeisen, rekwireren, vergen, verlangen, vorderen
vorderen (ww) :
claimen, eisen, opeisen, opvragen, rekwireren, vereisen, verlangen
confisqueren (ww) :
aanhalen, in beslag nemen, opeisen, verbeurdverklaren
claimen (ww) :
eisen, opeisen, vorderen

woordverbanden van ‘opeisen’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
afeisen, afvorderen, eisen, opeisen, vorderen

Afeischen — afvorderen — (iets) eischen (van) — opeischen — vorderen. Iemand met nadruk verzoeken iets over te geven, dat hij te recht of ten onrechte in bezit heeft. Tusschen afeischen en iets van iemand eischen is dan dit onderscheid: beide drukken het stellen van een eisch uit, doch bij afeischen beslaat de bijgedachte, dat de afeischer zich bewust is van overmacht, die hij bij weigering van den eisch zal doen gevoelen. Hij eischt geld van mij, doch ik kan het hem niet geven. De straatroover eischte den eenzamen wandelaar het horloge af. Aan opeischen is het denkbeeld verbonden, dat men een verkregen recht wil doen gelden. De moeder eischte haar kind op. Ter leen gegeven geld kan men veer opeischen. Eischen veronderstelt meestal eene onwilligheid of weigering van den kant van den aangesproken persoon, iets wat bij vorderen niet het geval is. Dit laatste is trouwens zwakker dan eischen. (Zie bij eischen). In zooverre verschillen dan ook afvorderen en opvorderen van afeischen en opeischen.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0013 c