brand

als woordenboektrefwoord:

brand:
m. (-en), verbranding; brandstof ; huiduitslag ; ziekte in 't koren.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

brand (zn):
fik, haard, hitte, vuur, vuurgloed, vuurzee
brand (zn):
narigheid, penarie, problemen
brand (zn):
melange, merk, soort
brand (zn):
huiduitslag

als synoniem van een ander trefwoord:

vuur (zn) :
brand, fik, vlam, vlammen, vonk, vonken, vuurzee
hitte (zn) :
brand, gloed, vuur, warmte
merk (zn) :
brand, handelsmerk
fik (zn) :
brand, hens, vuur
roest (zn) :
brand

woordverbanden van ‘brand’ grafisch weergegeven

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
brand, gloed, vlam, vuur

BRAND, GLOED, VLAM, VUUR

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 406.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

brand is mogelijk onnodig Engels.
De Woordenlijst overbodig Engels Op-en-Top Nederlands geeft de volgende Nederlandse alternatieven (doorzoek ook de volledige lijst op vindpunt.nl):

brand  zn.:
merk, merknaam
zie ook:
brand veroorzaken, in brand, in brand raken, in brand staan, in brand steken, in de brand steken

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0017 c