brij

als woordenboektrefwoord:

brij:
v. half vast, half vloeibaar kooksel.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

brij (zn):
pap, prut
brij (zn):
puree

als synoniem van een ander trefwoord:

warboel (zn) :
brij, chaos, charade, janboel, klit, kluwen, knoeiboel, knoeierij, knoop, puinhoop, rommel, rotzooi, soepzootje, troep, verwarring, wanorde, warhoop, warwinkel, wirwar
pap (zn) :
brij, brouwsel, moes, smurrie
prut (zn) :
brij, pap
pulp (zn) :
brij, pap

woordverbanden van ‘brij’ grafisch weergegeven

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
brij, pap

BRIJ, PAP

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 414.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0017 c