hoogte

als woordenboektrefwoord:

hoogte:
v. (-n), verhevenheid, heuvel.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

hoogte (zn):
heuvel, hoogvlakte, verhevenheid
hoogte (zn):
niveau, peil
hoogte (zn):
hoogtepunt

als synoniem van een ander trefwoord:

lucht (zn) :
firmament, hemel, hemelblauw, hemelboog, hemeldak, hemelgewelf, hoogte, uitspansel, zwerk
grootte (zn) :
afmeting, breedte, dikte, formaat, hoogte, inhoud, lengte, maat, omvang, oppervlakte
dimensie (zn) :
afmeting, breedte, grootte, hoogte, maat, omvang, proportie, strekking, verhouding
afmeting (zn) :
breedte, dimensie, formaat, grootte, hoogte, lengte, maat, omvang, proportie
berg (zn) :
gebergte, heuvel, hoogte, verhevenheid
peil (zn) :
hoogte, niveau, stand, waterstand
maat (zn) :
breedte, hoogte, lengte

woordverbanden van ‘hoogte’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
berg, berggroep, bergkam, bergketen, bergrug, duin, gebergte, hoogte, hoogvlakte, heuvel

Berg — berggroep — bergkam — bergketen — bergrug — duin — gebergte — hoogte — hoogvlakte — heuvel. Eene verhevenheid boven de oppervlakte der aarde. Eene zeer kleine verhevenheid noemt men hoogte, eene kleine verhevenheid heuvel, eene groote verhevenheid (meer dan 300 M. boven den zeespiegel) berg. Eene verzameling van bergen heet een gebergte. Een aaneengeschakelde rij van bergen heet bergketen. De verbindingslijn tusschen de verschillende toppen eener bergketen heet de bergkam, terwijl men onder bergrug meer verstaat het naar weerszijden afhellend, gebogen vlak, waarin de verbindingslijn tusschen de hoogste toppen eener bergketen gelegen is. Vertoont een gebergte geen bepaalden kam dan spreekt men van een berggroep. Duinen zijn de zandheuvels langs het strand, die de natuurlijke zeewering vormen. Hoogvlakten zijn vlakten, die minsten 300 M boven den zeespiegel liggen.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
berg, bergketen, duin, gebergte, heuvel, hoogte

BERG, BERGKETEN, DUIN, GEBERGTE, HEUVEL, HOOGTE

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 304.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

hoogte
diepte
zie ook:
in de hoogte, op de hoogte, op de hoogte brengen, op de hoogte brengen van, op de hoogte stellen van, tot op welke hoogte, tot op zekere hoogte, uit de hoogte, zich op de hoogte stellen

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0025 c