luw

als woordenboektrefwoord:

luw:
bn. (-er, -st), tegen de wind gedekt.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

luw (zn):
windvrij
luw (zn):
luwte
luw (bn):
beschut, zacht

als synoniem van een ander trefwoord:

beschut (bn) :
afgeschermd, beschermd, geborgen, gevrijwaard, luw, uit de wind, veilig
lauw (bn) :
koel, luw, zacht, zoel

woordverbanden van ‘luw’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
zoel, luw

ZOEL, LUW

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 3, bladzijde 379.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0022 c