beschimpen

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

beschimpen (ww) :
uitschelden, bespotten, beledigen, bekladden, schofferen, honen, smaden, jouwen

als synoniem van een ander trefwoord:

bespotten (ww) :
uitlachen, belachelijk maken, beledigen, uitjouwen, tarten, persifleren, beschimpen, honen, smaden, voor de gek houden, de spot drijven met, de draak steken met, affronteren
beledigen (ww) :
kwetsen, uitschelden, raken, schenden, krenken, toucheren, schofferen, grieven, beschimpen, honen, smaden, met voeten treden, affronteren
bekladden (ww) :
zwart maken, kwellen, kwaadspreken van, bevlekken, denigreren, beschimpen, belasteren
honen (ww) :
bespotten, beledigen, uitjouwen, tarten, beschimpen, smaden, affronteren
smaden (ww) :
beledigen, lasteren, beschimpen, verguizen, honen, belasteren
uitjouwen (ww) :
uitschelden, uitjoelen, beschimpen
met modder gooien (ww) :
lasteren, beschimpen, smaden
jouwen (ww) :
uitjouwen, beschimpen
verguizen (ww) :
afkraken, beschimpen

woordverbanden van ‘beschimpen’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908):

Iemand iets aandoen in woord of daad, waarbij hij leed gevoelt en in zijn gevoel van eigenwaarde of eer wordt aangetast. Beleedigen zegt dit in het algemeen, terwijl de andere woorden de wijze, waarop de beleediging plaats grijpt, nader omschrijven. Bij beschimpen en bespotten staat het denkbeeld van spot, bij hoonen dat van vernedering en schande, bij smaden dat van verachting op den voorgrond, en deze verschillende denkbeelden zijn in verguizen, dat verreweg het sterkst is, vereenigd. Krenken, eigenlijk iets krank maken, duidt behalve de daad van benadeelen, ook de aantasting der eer aan, die het gevolg der krenking is. Kwetsen ziet meer op de beleodiging van het gevoel. Smalen kan men zoowel op een voorwerp als op oen persoon. Het beteekent, uit nijd iemand of iets als gering of nietswaardig voorstellen.

in Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, blz. 274:

in Nederduitsche synonymen (1836), band 1, blz. 338:

woorden met een verwante vorm:

werkwoord
zelfstandig naamwoord

bij andere sites:

synoniemen-sites:
algemene woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband en voorbeeldzinnen:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0037 c