tic

als woordenboektrefwoord:

tic:
m. (-s), zenuwpijn, inz. onwillekeurige spiersamentrekking in het gelaat.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

tic (zn):
aanwensel, dwanghandeling, zenuwtrek, zenuwtrekking

als synoniem van een ander trefwoord:

hebbelijkheid (zn) :
aanwensel, eigenaardigheid, gewoonte, gril, manie, onhebbelijkheid, tic
eigenaardigheid (zn) :
afwijking, eigenheid, originaliteit, tic
afwijking (zn) :
aberratie, eigenaardigheid, tic, ziekte
gewoonte (zn) :
aanwensel, hebbelijkheid, tic
tik (zn) :
tic

woordverbanden van ‘tic’ grafisch weergegeven

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0021 c