officieel

als woordenboektrefwoord:

officieel:
bn. bw. van ambtswege; geloofwaardig, echt.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

officieel (bn) :
plechtig, formeel, vormelijk
officieel (bn) :
echt, wettig, erkend
officieel (bn) :
ambtelijk
officieel (bw) :
ambtshalve, van overheidswege, van hogerhand, van ambtswege

als synoniem van een ander trefwoord:

plechtig (bn) :
feestelijk, ernstig, deftig, gewichtig, verheven, officieel, gewijd, stemmig, statig, ceremonieel, vormelijk, pompeus, plechtstatig
vormelijk (bn) :
formeel, officieel, voorgeschreven, ceremonieus
formeel (bn) :
officieel, strikt genomen, naar de letter
erkend (bn) :
officieel, goedgekeurd, geautoriseerd
gekwalificeerd (bn) :
bevoegd, officieel, gerechtigd
plechtig (bn) :
formeel, officieel
ambtelijk (bn) :
officieel

woordverbanden van ‘officieel’ grafisch weergegeven

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

officieel
officieus, onofficieel

bij andere sites:

in het Verwarwoordenboek van Jan Renkema:
synoniemen-sites:
algemene woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband en voorbeeldzinnen:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0027 c