twisten

als woordenboektrefwoord:

twisten:
(twistte, getwist), ruzie hebben, kijven.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

twisten (ww):
bakkeleien, bekvechten, debatteren, harrewarren, kibbelen, kijven, krakelen, kribben, palaveren, ruziën, stechelen, strijden, vechten
twisten (ww):
disputeren, redekavelen, redetwisten

als synoniem van een ander trefwoord:

vechten (ww) :
bakkeleien, kampen, knokken, matten, mededingen, meedingen, opboksen, plukharen, rivaliseren, slag leveren, stoeien, strijd leveren, strijden, twisten, wedijveren, worstelen, zich inzetten, zich verzetten
kibbelen (ww) :
bekvechten, disputeren, haarplukken, hakketakken, harrewarren, kijven, krakelen, ruziën, steggelen, twisten
kijven (ww) :
bekvechten, haarplukken, hassebassen, kibbelen, kiften, schelden, tekeergaan, twisten
bekvechten (ww) :
bakkeleien, kibbelen, kiften, kissebissen, ruzie maken, ruziën, twisten
strijden (ww) :
botsen, ijveren, kampen, oorlogvoeren, twisten, vechten, worstelen
harrewarren (ww) :
kibbelen, krakelen, ruziën, twisten
haspelen (ww) :
kibbelen, twisten
strijden (ww) :
kibbelen, twisten
kribben (ww) :
twisten

woordverbanden van ‘twisten’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
kibbelen, kijven, krakelen, twisten

Kibbelen — kijven — krakeelen — twisten. Met woorden strijden. Krakeelen is aanhoudend oneenig zijn, b.v. onder huisgenooten; kibbelen oneenig zijn over kleinigheden ten gevolge van wederzijdsch gebrek aan inschikkelijkheid; kijven tegen elkander uitvaren met sterke verheffing van stem en ongemeene radheid van tong, eene kunst, waarin van oudsher de vischvrouwen het meesterschap bezeten hebben; twisten laat meer dan een der andere woorden de vrees doorschemeren, dat men van woorden tot daden zal overgaan.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
kijven, twisten, krakelen, kibbelen, knibbelen, knorren, grommen

KIJVEN, TWISTEN, KRAKEELEN, KIBBELEN, KNIBBELEN, KNORREN, GROMMEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 305.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

zie ook:
twist

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0023 c