klemmen

als woordenboektrefwoord:

klemmen:
(geklemd), sterk drukken ; knijpen ; niet genoeg ruimte hebben.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

klemmen (ww):
drukken, knellen, knijpen, nijpen, prangen, vastzetten, vergrendelen
klemmen (ww):
blijven steken, stroef gaan, vastzitten

als synoniem van een ander trefwoord:

vastzetten (ww) :
bevestigen, binden, fixeren, immobiliseren, klemmen, vastklemmen, vastmaken, verankeren, vergrendelen, verstevigen
drukken (ww) :
druk uitoefenen, duwen, klemmen, knellen, knijpen, platdrukken, samenknijpen, uitknijpen, uitpersen
hechten (ww) :
binden, dichtnaaien, klemmen, naaien, rijgen, toekennen, vastmaken, verbinden
knellen (ww) :
drukken, klemmen, kneuzen, knijpen, nijpen, persen, spannen, wringen
knijpen (ww) :
klemmen, knellen, nijpen, pitsen, prangen
schroeven (ww) :
klemmen, vastklemmen
klampen (ww) :
klemmen
vastgrijpen (ww) :
klemmen

woordverbanden van ‘klemmen’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

klemmen:
knijpen, nijpen, knellen, spannen, drukken
knellen:
klemmen
knijpen:
klemmen

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
knijpen, klemmen, knellen, nijpen

Knijpen — klemmen — knellen — nijpen. Iets vast samendrukken. Klemmen ziet meer op het kleven of vasthouden van het eene aan het andere; bij knellen veronderstelt men dat de druk pijn veroorzaakt. Bij knijpen en nijpen, welke twee werkwoorden dezelfde beteekenis hebben, heeft eene samendrukking van twee zijden plaats. In figuurlijken zin wordt nijpen, en vooral het tegenw. deelw. nijpende, in de beteekenis van smart aandoen, fel doordringend zijn, gebruikt. Hiervoor wordt knijpen niet gebezigd. Nijpende koude; nijpende armoede.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

zie ook:
klem

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0029 c