vermijden

als woordenboektrefwoord:

vermijden:
(vermeed, vermeden), ontwijken.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

vermijden (ww):
mijden, omzeilen, ontsnappen aan, ontwijken, uit de weg gaan
vermijden (ww):
afwenden, verhinderen, verhoeden, verletten, voorkomen

als synoniem van een ander trefwoord:

voorkomen (ww) :
afwenden, afweren, beletten, couperen, keren, letten, ondervangen, preveniƫren, tegenhouden, verhinderen, verhoeden, verletten, vermijden
ontsnappen (ww) :
omzeilen, ontglippen, ontkomen, vermijden, wegkomen, zich onttrekken
omzeilen (ww) :
ontduiken, ontlopen, ontwijken, passeren, vermijden
omtrekken (ww) :
omzeilen, ontduiken, vermijden

woordverbanden van ‘vermijden’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
mijden, vermijden, vlieden

Mijden — vermijden — vlieden. Ontwijken. Mijden of vermijden is iemand of iets uit den weg gaan. Worden mijden en vermijden tegenover elkander gesteld, dan is mijden sterker dan vermijden, omdat er het denkbeeld van ontwijken uit afkeer en vrees in ligt opgesloten. Mijdt het kwade. Hij heeft sedert weken mijn huis gemeden. Als ge minder stijf hoofdig waart geweest, hadden veel onaangenaamheden vermeden kunnen worden. Bij vlieden heeft snelle ontwijking plaats na, zij het ook niet volkomen, aanraking. Dikwijls wordt het gebruikt voor vermijden. Vlied kwaad gezelschap.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
mijden, vermijden

MIJDEN, VERMIJDEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 425.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.002 c