passeren

als woordenboektrefwoord:

passeren:
(gepasseerd), (de tijd) doorbrengen ; voorbijgaan ; doorgaan ; een akte voor of door een notaris verlijden ; gebeuren, voorvallen.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

passeren (ww):
gebeuren, geschieden, plaatsgrijpen, plaatshebben, plaatsvinden, spelen, voorvallen, zich afspelen
passeren (ww):
inhalen, oversteken, voorbijgaan, voorbijkomen, voorbijlopen, voorbijrijden
passeren (ww):
gaan door, gaan langs, gaan over
passeren (ww):
mijden, omzeilen, ontduiken
passeren (ww):
bekrachtigen, verlijden
passeren (ww):
doorgaan, gelden, slagen
passeren (ww):
doorbrengen, vertoeven
passeren (ww):
overslaan
passeren (ww):
omspelen

als synoniem van een ander trefwoord:

gebeuren (ww) :
geschieden, gevallen, omgaan, optreden, passeren, plaatsgrijpen, plaatshebben, plaatsvinden, spelen, toegaan, vallen, verlopen, voorkomen, voorvallen, wedervaren, zich afspelen, zich voltrekken, zich voordoen
geschieden (ww) :
gebeuren, omgaan, optreden, passeren, plaatsgrijpen, plaatshebben, plaatsvinden, spelen, tot stand komen, voorkomen, voorvallen, zich afspelen, zich voltrekken, zich voordoen
plaatsvinden (ww) :
gebeuren, geschieden, passeren, plaatsgrijpen, plaatshebben, vallen, voorvallen, zich afspelen, zich voordoen
spelen (ww) :
gebeuren, geschieden, gevallen, omgaan, optreden, passeren, plaatsvinden, voorvallen, zich afspelen
overschrijden (ww) :
ontstijgen, overtreden, overtreffen, passeren, te boven gaan, te buiten gaan, voorbijstreven
omgaan (ww) :
gebeuren, geschieden, passeren, plaatsvinden, spelen, voorvallen, zich afspelen
zich voordoen (ww) :
gebeuren, geschieden, optreden, passeren, rijzen, voorkomen, voorvallen
doorgaan (ww) :
doorgang vinden, gebeuren, passeren, plaatshebben, plaatsvinden
doorbrengen (ww) :
besteden, korten, passeren, slijten, vertoeven, zoekbrengen
omzeilen (ww) :
ontduiken, ontlopen, ontwijken, passeren, vermijden
overgaan (ww) :
overlopen, overschrijden, oversteken, passeren
voorbijgaan (ww) :
overslaan, passeren, voorbijsteken
komen (ww) :
gevallen, passeren
kruisen (ww) :
passeren
slagen (ww) :
passeren

woordverbanden van ‘passeren’ grafisch weergegeven

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0023 c