geslacht

als woordenboektrefwoord:

geslacht:
o. (-en), familie, stamhuis ; groep van verwante soorten ; sekse.
geslacht:
o. geslacht vee.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

geslacht (zn):
afkomst, familie, genus, huis, maagschap, ras, sibbe, slag, soort, stam, stamhuis
geslacht (zn):
genitaliën, geslachtsdeel, geslachtsorgaan, schaamdeel
geslacht (zn):
verbuigingsklasse, woordgeslacht
geslacht (zn):
kunne, sekse
geslacht (zn):
generatie

als synoniem van een ander trefwoord:

piemel (zn) :
fallus, fluit, geslacht, geslachtsapparaat, geslachtsdeel, geslachtsorgaan, jongeheer, leuter, lid, lul, mannelijk lid, opper, opperwachtmeester, paal, penis, piel, pik, pisser, plasser, potlood, prik, roe, roede, sannie, snikkel, stijve, tamp, tampeloeres, zwengel
lul (zn) :
fallus, fluit, geslacht, geslachtsdeel, geslachtsorgaan, jongeheer, leuter, lid, mannelijk lid, paal, penis, piel, piemel, pik, pisser, plasser, prik, rampetamp, roe, roede, sanne, sannie, snikkel, stijve, tamp, tampeloeres, zwengel
lid (zn) :
fallus, geslacht, geslachtsdeel, geslachtsorgaan, jongeheer, leuter, lul, penis, piel, piemel, pik, plasser, roede, snikkel
familie (zn) :
bloedverwanten, geslacht, maagschap, parentage, sibbe, verwanten, verwantschap
penis (zn) :
geslacht, geslachtsapparaat, geslachtsdeel, geslachtsorgaan
soort (zn) :
geslacht, kaliber, klasse, kwaliteit, species, variëteit
huis (zn) :
dynastie, familie, geslacht, maagschap, stam, verwanten
sibbe (zn) :
clan, familie, geslacht
stam (zn) :
clan, familie, geslacht
maagschap (zn) :
familie, geslacht
deel (zn) :
geslacht, lid
generatie (zn) :
geslacht

woordverbanden van ‘geslacht’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908):

in hedendaagse spelling:
geslacht, kunne, sekse

Geslacht — kunne — sekse. Het kenmerk van mannelijkheid of vrouwelijkheid gedragen door al wat leeft. Geslacht duidt dit aan van wezens, voorwerpen en woorden. Verschil van geslacht is ook bij planten opgemerkt. Het manlijk en vrouwelijk geslacht der zelfstandige naamwoorden. Kunne en sekse worden alleen gebezigd van den mensch. De zwakke kunne, de schoone sekse = de vrouwen.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in Keur van Nederlandsche Synoniemen (1922):

in hedendaagse spelling:
afstamming, geslacht, afkomst, geboorte

231. Afstamming — geslacht — afkomst — geboorte.

Bloedverwantschap in betrekking tot de voorouders.

Geslacht is de geheele reeks van afstammelingen van den stamvader der familie tot op heden toe. — Afstamming is de verbinding met voorouders door tusschenleden: Kent gij de afstamming onzer Koningin van Willem van Oranje? Afkomst beteekent de afstamming in betrekking tot den rang of stand van zijn stamvader of ook van zijn vader of moeder; geboorte heeft alleen betrekking op zijn ouders of ook op de plaats (of het land), waar men ter wereld gekomen is.

Vergelijk: Iemand, die van geboorte van adel is, kan van moederszijde van burgerlijke afkomst zijn. Een Nederlander van geboorte kan van Duitsche afkomst zijn, als zijn voorouders of zijn ouders Duitschers zijn en bij zijn geboorte in Nederland woonden. Zijn afstamming kan hij misschien tot in de middeleeuwen nagaan, en hij kan wellicht tot een beroemd geslacht behooren.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
kunne, geslacht, sekse

KUNNE, GESLACHT, SEKSE

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 341.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0021 c