passé

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

passé (bn):
achterhaald, afgedaan, ouderwets, uit, verouderd, voorbij

als synoniem van een ander trefwoord:

voorbij (bn) :
achter de rug, afgedaan, afgelopen, gedaan, geleden, gepasseerd, geëindigd, klaar, om, over, passé, uit, vergaan, verlopen, verloren
afgezaagd (bn) :
alledaags, clichématig, flauw, gewoon, melig, oud, oudbakken, passé, verouderd, versleten, zouteloos
afgedaan (bn) :
afgehandeld, gedaan, geklonken, over, passé, uitgemaakt, voorbij
antiek (bn) :
ouderwets, passé, uit de mode, uit de tijd, verouderd
verouderd (zn) :
achterhaald, achterlijk, afgezaagd, gedateerd, ouderwets, passé, uit de tijd

woordverbanden van ‘passé’ grafisch weergegeven

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - Wikipedia - Google

debug info: 0.0024 c