melig

als woordenboektrefwoord:

melig:
bn. (-er, -st), meelachtig.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

melig (bn) :
droog, overrijp, poederachtig, meelachtig
melig (bn) :
lusteloos, flauw, vervelend
melig (bn) :
lacherig

als synoniem van een ander trefwoord:

lusteloos (bn) :
traag, verdrietig, mat, melig, onverschillig, passief, neerslachtig, slap, futloos, lamlendig, energieloos, apathisch, hangerig, ongeanimeerd, indolent
afgezaagd (bn) :
versleten, verouderd, oud, gewoon, melig, flauw, alledaags, passé, oudbakken, clichématig, zouteloos
flauw (bn) :
smakeloos, melig, laf, afgezaagd, vervelend, zoutloos, halfslachtig, zouteloos, geesteloos
laf (bn) :
kinderachtig, smakeloos, melig, niet geestig, zoetsappig, flauw, slap, zouteloos
zouteloos (bn) :
kinderachtig, smakeloos, melig, flauw, geesteloos

woordverbanden van ‘melig’ grafisch weergegeven

woorden met een verwante vorm:

zelfstandig naamwoord

bij andere sites:

synoniemen-sites:
algemene woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband en voorbeeldzinnen:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0036 c