bekommerd

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

bekommerd (bn):
bezorgd, droevig, ongerust, verontrust, zorgelijk

als synoniem van een ander trefwoord:

droevig (bn) :
armzalig, bedroevend, beklagenswaardig, bekommerd, deerniswekkend, erbarmelijk, jammerlijk, miserabel, schabouwelijk
bedrukt (bn) :
bedroefd, bekommerd, bezwaard, gedrukt, neerslachtig, sip, somber, stilletjes, terneergeslagen
bezorgd (bn) :
angstig, bang, beducht, beklemd, bekommerd, gespannen, ongerust, verontrust
ongerust (bn) :
angstig, bang, bekommerd, bevreesd, bezorgd, onrustig
zorgelijk (bn) :
bekommerd, bezorgd

woordverbanden van ‘bekommerd’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
bezorgd, angstig, bekommerd, beducht, bevreesd

Bezorgd — angstig — bekommerd — beducht — bevreesd. Bezorgd is iemand die onrust of zorg over iets heeft, bevreesd degene, die vrees koestert. Niemand kan met bezorgd te zijn, één el tot zijne lengte toedoen. De kinderen waren bevreesd voor de komst van den inspecteur. Beducht, dat alleen in meer deftigen stijl en dan alleen praedicatief gebruikt wordt, ziet meer op de gevolgen, en drukt uit, dat men met angst te gemoet ziet wat niet aangenaam is, hetzij men vreest voor naderend kwaad, hetzij men zich iets goeds ziet ontgaan.....de klokken raast, en is beducht, dat hij haar komt heur kiekens stroopen. (Luyken). Bekommerd is sterker dan de voorgaande, en drukt uit dat iemand groote zorg heeft, onrust, gepaard aan verdriet en kwelling des geestes. Angstig is hij, die in angst verkeert voor iets onaangenaams, waarvan men zich voorstelt, dat het gebeuren kan. 's Avonds was zij altijd angstig, als zij alleen thuis was.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in Keur van Nederlandsche Synoniemen (1922)*:

in hedendaagse spelling:
beducht, bevreesd, bekommerd, bezorgd, beangst

167. Beducht — bevreesd — bekommerd — bezorgd — beangst.

Door een gevoel van vrees of angst beklemd.

Bevreesd duidt aan dat iemand vrees koestert. (Zie No. 166.) Hij was bevreesd, zijn geld te verliezen.

Beangst is sterker. (Zie No. 166.) De ouders waren beangst, dat zij hun kind zouden verliezen.

Beducht wijst er op, dat men over den afloop of den uitslag bevreesd is; het behoort hoofdzakelijk tot den deftigen stijl. Gij behoeft voor zijn lot niet beducht te zijn.

Bezorgd is men, als men zorg, onrust over iets heeft. Ik ben bezorgd voor het behoud van zijn leven.

Bekommerd is veel sterker; het wijst op groote en drukkende onrust of verdriet. De vader zat bekommerd neer bij het ziekbed van zijn kind.

Als er in de volgende zinnen meer woorden ingevuld kunnen worden, geef dan telkens de schakeering in de beteekenis op.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
beducht, bekommerd, bevreesd, bezorgd

BEDUCHT, BEKOMMERD, BEVREESD, BEZORGD

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 1, bladzijde 232.

in hedendaagse spelling:
schuw, blo, bedeesd, beschroomd, schroomvallig, huiverig, vreesachtig, bevreesd, bang, beangst, benepen, bekommerd, bezorgd, zorgvuldig, behoedzaam

SCHUW, BLOODE, BEDEESD, BESCHROOMD, SCHROOMVALLIG, HUIVERIG, VREESACHTIG, BEVREESD, BANG, BEANGST, BENEPEN, BEKOMMERD, BEZORGD, ZORGVULDIG, BEHOEDZAAM

bron: Gerbrand Bruining - Nederduitsche synonymen (1836), band 1, bladzijde 177.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in de lijst met antoniemen (woorden met een tegengestelde betekenis):

bekommerd
onbekommerd
zie ook:
bekommeren

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
ANW - WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - Wikipedia - Google

debug info: 0.0023 c