opdissen

als woordenboektrefwoord:

opdissen:
(diste op, opgedist), op tafel zetten ; onthalen.

als trefwoord met bijbehorende synoniemen:

opdissen (ww):
aanbieden, klaarzetten, opdienen, serveren, toebereiden, voorschotelen, voorzetten
opdissen (ww):
debiteren, uitkramen, vertellen, verzinnen

als synoniem van een ander trefwoord:

vertellen (ww) :
afdraaien, debiteren, mededelen, meedelen, opdissen, uitbrengen, uitkramen, verhalen, verkopen, verzekeren, zeggen
verzinnen (ww) :
fabuleren, fantaseren, fingeren, liegen, opdissen, verdichten
verkopen (ww) :
debiteren, opdissen, uitkramen, vertellen, wijsmaken
opdienen (ww) :
opdissen, opdoen, serveren, voorzetten
opscheppen (ww) :
opdienen, opdissen, serveren
aanbieden (ww) :
opdissen, voorzetten
schaffen (ww) :
opdissen, voorzetten
klaarzetten (ww) :
opdissen

woordverbanden van ‘opdissen’ grafisch weergegeven

in Charivarius' Een Ander Woord (1945):

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
aanrechten, opdissen, toebereiden

Aanrechten — opdisschen — toebereiden. Een maaltijd gereed maken. Aanrechten is eigenlijk het in orde brengen der schotels alvorens zij op de tafel geplaatst worden; opdisschen is het plaatsen der schotels of spijzen op den disch, terwijl toebereiden meer op de voorbereidselen ziet, welke daaraan vooraf moeten gaan. Er werden maaltijden aangerecht, waarbij niet schraal werd opgedischt. De spijzen waren goed toebereid.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.0029 c