voleinden

als trefwoord met bijbehorende synoniemen: niet gevonden.

als synoniem van een ander trefwoord:

vervullen (ww) :
betrachten, bevredigen, bewerkstelligen, doen, inlossen, inwilligen, nakomen, presteren, realiseren, uitvoeren, verhoren, verwerkelijken, verwezenlijken, volbrengen, voldoen, voldoen aan, voleinden, volvoeren, waarmaken
afronden (ww) :
afbouwen, afkrijgen, afmaken, afwerken, afwikkelen, beëindigen, completeren, de laatste hand leggen aan, eindigen, finishen, klaarkrijgen, vervolmaken, voleinden, voleindigen, voltooien, volvoeren
voltooien (ww) :
afmaken, afronden, beëindigen, eindigen, voleinden, voleindigen, volmaken
eindigen (ww) :
volbrengen, voleinden, voltooien

woordverbanden van ‘voleinden’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
afdoen, afmaken, eindigen, ten einde brengen, volbrengen, voleinden, voleindigen, voltooien, volvoeren

Afdoen — afmaken — eindigen (transitief) — ten einde brengen — volbrengen — voleinden — voleindigen — voltooien — volvoeren. Iets ten einde toe verrichten. Eindigen drukt eenvoudig uit, dat het einde van iets bereikt wordt, 't zij dat men er opzettelijk een eind aan maakt, 't zij, dat men het bereikt door het het laatste gedeelte aan het geheel toe te voegen. Het was bijna posttijd; hij eindigde dus zijn brief, hoewel hij lang niet alles had geschreven, wat hij van plan was. We hebben ons werk geëindigd. Ten einde brengen zegt, zonder meer, dat men aan een voorgenomen of opgedragen arbeid heeft gedaan, wat men er aan doen kon; het laat in 't midden of dit einde goed, dan wel verkeerd is. Hij heeft zijn arbeid ten einde gebracht, maar men moet niet vragen hoe. Volbrengen en volvoeren drukken uit, dat men geregeld voortwerkt aan eene opgedragen of voorgenomen taak, meestal met het bijdenkbeeld, dat er veel moeite aan verbonden is. Volbrengen ziet meer op de werking, volvoeren op het voortbrengsel daarvan. Ditzelfde geldt van afdoen en afmaken, die te kennen geven, dat er aan de zaak of den arbeid niets meer te doen overblijft. „Het is volbracht." Hij volbrengt zijne moeilijke taak met geduld en opgewektheid. Hij wist den hem gegeven last te volvoeren ondanks aller tegenwerking. Ik moet nog een opstel afmaken, dan is mijne taak afgedaan. Voltooien, voleindigen en het deftige voleinden geven te kennen, dat het laatste gedeelte van iets verricht wordt, maar met het bijdenkbeeld van daardoor teweeggebrachte volkomenheid. Zij laten zich dus alleen in die gevallen gebruiken, waarin onze werkzaamheid tot de eene of andere schepping heeft geleid, en wel bepaaldelijk tot eene zoodanige, waarvoor eene niet geringe mate van talent of kunstvaardigheid en volharding vereischt wordt. De Keulsche dom bleef jarenlang onvoltooid. De Heere zal het voor mij voleindigen. (Ps. 138 : 8).

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
eindigen, voleinden, voleindigen, volbrengen

EINDIGEN, VOLEINDEN, VOLEINDIGEN, VOLBRENGEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 2, bladzijde 152.

in hedendaagse spelling:
volmaken, voltooien, voleinden, voleindigen

VOLMAKEN, VOLTOOIJEN, VOLEINDEN, VOLEINDIGEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 3, bladzijde 274.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

zie ook:
voleind

bij andere sites:

synoniemen-sites:
Alexandria - Interglot - ONW - MijnWoordenboek
woordenboeken:
WNT - Van Dale Hedendaags Nederlands - WikiWoordenboek - puzzelwoordenboek
oorsprong:
etymologiebank
zinsverband:
context
vertalen:
naar het
overige:
Citaten - Wikipedia - Google

debug info: 0.0026 c