zich voorstellen

als trefwoord met bijbehorende synoniemen: niet gevonden.

als synoniem van een ander trefwoord:

veronderstellen (ww) :
aannemen, assumeren, gissen, imagineren, menen, raden, speculeren, supponeren, vermoeden, vooronderstellen, zich inbeelden, zich voorstellen
bevatten (ww) :
begrijpen, denken, doorhebben, doorgronden, inzien, snappen, vatten, verstaan, zich voorstellen
weten (ww) :
begrijpen, beseffen, bevatten, inzien, zich voorstellen, zich realiseren
visualiseren (ww) :
zich inbeelden, zich voorstellen

woordverbanden van ‘zich voorstellen’ grafisch weergegeven

in het Handwoordenboek van Nederlandsche Synoniemen (1908)*:

in hedendaagse spelling:
aanschouwen, gewaarworden, waarnemen, zich voorstellen

Aanschouwen — gewaarworden — waarnemen — zich voorstellen. De algemeene beteekenis der werkwoorden is: door de zintuigen indrukken in den geest opnemen; zij verschillen ten opzichte van den graad der energie van den geest. Gewaarworden is het zwakst, het is het zich bewust worden van eene aandoening of een indruk; eene gewaarwording is een indruk, die tot ons bewustzijn komt. Waar nemen is acht geven op de gewaarwordingen, hare eigenaardigheden opmerken, en deze van elkander onderscheiden. De inhoud van hetgeen men waarneemt is eene waarneming. Aanschouwen veronderstelt aanwending van het oordeel, en is het samenvatten van de verschillende waarnemingen tot een geheel, in welks beschouwing men zich meer of minder verdiept. Eene aanschouwing is de uitkomst van een aanschouwen, een beeld van het waargenomene door het aanschouwen in den geest voortgebracht; dit beeld blijft het eigendom van den geest, ook nadat de zinnelijke indruk opgehouden heeft. De geest kan haar weer als voor het oog te voorschijn roepen; dit heet zich iets voorstellen, en het product dezer werking eene voorstelling. Aanschouwing, voorstelling en zich voorstellen zijn in de hier bedoelde beteekenis alleen in de zielkunde in gebruik.

* De spelling in deze bron kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

in overige bronnen*:

in hedendaagse spelling:
voorhebben, zich voorstellen, voornemen, besluiten

VOORHEBBEN, ZICH VOORSTELLEN, VOORNEMEN, BESLUITEN

bron: Weiland & Landré - Woordenboek der Nederduitsche synonimen (1821), band 3, bladzijde 278.

* De spelling in deze bronnen kan afwijken van de tegenwoordig geldende.

zie ook:
voorstellen

bij andere sites:

synoniemen-sites:
woordenboeken:
oorsprong:
zinsverband:
vertalen:
naar het
overige:

debug info: 0.002 c